Extra’s#
Hierover moet je zelf onderzoek doen en oefenopgaven maken.
Recursie#
Een palindroom is een woord dat gelijk is als het omgekeerd gelezen wordt. “Lepel” of “meetsysteem” zijn hier voorbeelden van.
Schrijf een script dat een input aanneemt en hiervan checkt of het een palindroom is. Laat het niet hoofdlettergevoelig zijn (zowel ‘lepel’ als ‘LEPEL’ als ‘LEpeL’ moeten werken) en werken op alle tekens “[sdf0%%0fds]” is dus ook een palindroom). Gebruik een recursive function.
Als het een palindroom is, print “Dit is een palindroom!”. Anders, print “Dit is geen palindroom!”.
Errors & Exceptions#
Hiervoor is geen opgave.
File Handling#
Schrijf een script om een cijferlijst-bestand te maken. Zorg dat deze als input een vak en een cijfer kan aannemen en kan schrijven naar het bestand. Laat het per vak cijfers kunnen ophalen, en de hele cijferlijst (uiteraard waarbij het duidelijk is voor welk vak welke cijfers zijn). Zorg ook dat up-to-date gemiddelden per vak in het bestand staan.